IPMA-D · Les 9: Projectorganisatie | Proyecto Training
IPMA-D · Les 9

Projectorganisatie

Hoe richt je een projectorganisatie in — rollen, lagen, verantwoordelijkheden en besluitvorming.

Waarom deze les?

'Een project is een tijdelijke organisatie om binnen gestelde condities een vooraf gedefinieerd resultaat op te leveren.'

Maar 'tijdelijk' betekent niet 'losjes'. Juist omdat de mensen en partijen steeds wisselen, en omdat iedereen zijn eigen belangen heeft, moet je de organisatie zorgvuldig inrichten. Wie beslist wat? Wie rapporteert aan wie? Wie heeft welke bevoegdheden?

In deze les ga je door de opbouw van een projectorganisatie — van de vier managementlagen tot de individuele rollen, van de stuurgroep tot de RACI-matrix.

Na deze les weet je:

  • hoe een projectorganisatie is opgebouwd en welke vier lagen er zijn
  • wat het verschil is tussen projectbesturing en projectorganisatie (ISO 21500)
  • welke rollen er zijn in de stuurgroep en wat hun verantwoordelijkheden zijn
  • wat de rol van de projectmanager inhoudt en waarom scheiding van techniek en management belangrijk is
  • hoe je een projectorganogram opstelt
  • wat het linking-pin-principe is en hoe het de besluitvorming verbindt
  • hoe je een RACI-matrix gebruikt om taken en verantwoordelijkheden te verdelen

Deel 1 — Opbouw van de projectorganisatie

Hoe ontstaat een projectorganisatie?

De projectopdrachtgever wordt benoemd door het bedrijfs- of programmamanagement, vaak vastgelegd in het projectmandaat. De opdrachtgever benoemt vervolgens de projectmanager. Samen bepalen zij de verdere invulling van de projectorganisatie — de opdrachtgever beslist, de projectmanager adviseert.

De projectstuurgroep wordt geïnstalleerd aan het einde van de voorbereidingsfase, bij de autorisatie van de definitiefase. In de definitiefase wordt de organisatie verder aangevuld: leveranciers worden geselecteerd, specialisten benoemd of gecontracteerd.

Personele wisselingen doe je bij voorkeur tijdens faseovergangen. Bij de projectafsluiting ontbindt de projectmanager de organisatie en verleent de opdrachtgever decharge aan de verschillende projectpartijen.

De vier managementlagen

De managementstructuur van een project kent maximaal vier lagen:

LaagNaamVerantwoordelijkheid
1Bedrijfs-/programmamanagementStrategieën, projectmandaat, afstemming tussen projecten, realiseren van baten en bedrijfsdoelstellingen. Benoemt de projectopdrachtgever.
2Sturende laagOpdrachtgever, stuurgroep en projectborging. Aansturing van het project; eindverantwoordelijk voor het projectresultaat.
3ManagementlaagProjectmanager en projectsupport. Dagelijkse leiding en coördinatie van het project.
4Opleverende laagTeammanagers. Realisatie van specialistenproducten binnen de kaders van het werkpakket.
Projectmanagementstructuur — vier lagen Besturen — Bedrijfs- of programmamanagement Project Sturen — Stuurgroep Managen — Projectmanager Opleveren — Teammanager

Projectmanagementstructuur — vier managementlagen

Projectbesturing vs. projectorganisatie (ISO 21500)

De ISO 21500 maakt een duidelijk onderscheid:

BegripOmvat
ProjectbesturingProjectopdrachtgever, projectstuurgroep en het permanente projectmanagementbureau vanuit de staande organisatie.
ProjectorganisatieProjectmanager, projectmanagementteam (teammanagers + projectsupport) en projectteam (alle medewerkers die het projectresultaat realiseren).
Projectbesturing en projectorganisatie conform ISO 21500 Projectstuurgroep Project- opdrachtgever Project- besturing Projectteam Project- managementteam Project- manager Project- organisatie

Projectbesturing en projectorganisatie conform ISO 21500

Principe opdrachtgever / opdrachtnemer

De opdrachtgever heeft het mandaat gekregen van het bedrijfs- of programmamanagement om het projectresultaat te laten realiseren. De opdrachtnemer — de projectmanager — realiseert het project conform specificatie.

De projectmanager maakt het resultaat zelf niet. Dat doen aannemers, leveranciers of interne afdelingen. De projectmanager zorgt voor afstemming, bewaakt de voortgang en integreert de deelresultaten tot een functionerend eindproduct.

Komt de projectmanager vanuit de leveranciersorganisatie? Dan vertegenwoordigt hij doorgaans ook de leverancier. Komt hij vanuit de klantorganisatie? Dan vertegenwoordigt hij de klant. In beide gevallen is hij zelden degene die de leveringsovereenkomst afsluit — daarvoor is procuratie nodig. Die verantwoordelijkheid ligt bij de senior vertegenwoordiger van de leverancier in de stuurgroep.

Principe: scheiding van techniek en management

De projectmanager heeft de regiefunctie. De leveranciers en teammanagers zijn verantwoordelijk voor de inhoudelijke realisatie, binnen de kaders die de projectmanager namens de opdrachtgever stelt.

Waarom dit principe ertoe doet:
Als de projectmanager ook inhoudelijk verantwoordelijk is voor een onderdeel, raakt hij te veel verdiept in zijn eigen werk en verliest hij het overzicht over het samenhangende geheel. Bovendien wordt hij partij als er meningsverschillen zijn — ook als hij objectief zou kunnen zijn, ervaren anderen dat niet zo. Dat ondermijnt zijn autoriteit en verhoogt het risico op mislukking.

Deel 2 — Rollen en verantwoordelijkheden

De stuurgroep

De stuurgroep is het hoogste besluitvormingsorgaan binnen het project. Ze houdt rekening met de verschillende belangen van betrokken organisaties. Als gebruikers of leveranciers onvoldoende vertegenwoordigd zijn, neemt de betrokkenheid af en groeit de kans op mislukking.

Elk stuurgroeplid moet echt volmacht hebben om namens zijn achterban te beslissen. Besluiten mogen niet steeds bevestigd worden door derden. Let op: de stuurgroep is geen democratisch orgaan — de opdrachtgever neemt uiteindelijk de eindbeslissing.

Opdrachtgever
Eindverantwoordelijk voor het project namens de klant. Voorzitter van de stuurgroep en eigenaar van de business case. Bewaakt het evenwicht tussen klant, gebruikers en leveranciers. Altijd slechts één opdrachtgever per project.

Belangrijkste taken van de opdrachtgever:

  • Initiëren van het project en benoemen van de projectmanager
  • Vaststellen van doel, scope, resultaat en aanpak
  • Goedkeuren van programma van eisen, projectplan en beslispunten
  • Zorgdragen voor mensen, middelen en financiering
  • Zekerstellen van de business case
  • Beslissen over voortgang, risico's, escalaties en wijzigingen
  • Afschermen van het project van de omgeving
  • Beëindigen van het project en verlenen van decharge
Senior vertegenwoordiger van de gebruiker
Vertegenwoordigt de gebruikersbelangen in de stuurgroep. Verantwoordelijk voor het identificeren van baten, het definiëren, beoordelen en goedkeuren van op te leveren resultaten, en de communicatie met de gebruikersachterban. Treedt op als wijzigingsautoriteit. Kan door meerdere personen worden ingevuld.
Senior vertegenwoordiger van de leverancier
Vertegenwoordigt de belangen van de realiserende partijen. Verantwoordelijk voor de technische haalbaarheid en het vrijmaken van voldoende capaciteit. Kan door meerdere personen worden ingevuld.
Projectborging
Controleert namens de stuurgroep/opdrachtgever of het werk conform afspraken verloopt en of de stuurgroep de juiste informatie ontvangt. Mag niet worden gecombineerd met de rol van projectmanager of projectsupport. Rapporteert rechtstreeks aan de opdrachtgever/stuurgroep.
Projectmanager

De projectmanager is verantwoordelijk voor de dagelijkse leiding van het project. Hij heeft beslissingsbevoegdheid binnen de afgesproken toleranties. Het opleveren van het resultaat is geen doel op zich — het is een middel voor de opdrachtgever om een effect te realiseren. De projectmanager bewaakt of dat effect nog haalbaar is en rapporteert eventuele risico's direct.

Belangrijkste taken van de projectmanager:

  • Inrichten van de projectorganisatie in overleg met de opdrachtgever
  • Opstellen en laten goedkeuren van projectopdracht en projectmanagementplan
  • Ondersteunen van de opdrachtgever bij de business case
  • Verkrijgen van autorisatie voor fasen en plannen
  • Definiëren van verantwoordelijkheden en toewijzen van werkzaamheden
  • Bewaken van voortgang binnen de afgesproken toleranties
  • Managen van risico's en escaleren indien nodig
  • Zekerstellen van integratie van deelresultaten
  • Afsluiten van het project en verkrijgen van decharge
Teammanager
Verantwoordelijk voor het realiseren van één of meer specialistenproducten binnen het overeengekomen werkpakket. De rol is optioneel — de projectmanager kan ook direct aansturen. Het werkpakket wordt gedefinieerd door de projectmanager op basis van het geautoriseerde faseplan.
Projectsupport
Ondersteunt de projectmanager en teammanagers bij planning, budgettering, configuratiemanagement en andere taken. Wordt aangestuurd door de projectmanager.
Projectmanagementbureau (PMO)
In omgevingen met meerdere projecten tegelijk: een centraal bureau dat projectondersteuning verzorgt voor alle projecten. Ook een goede kweekvijver voor aankomende projectmanagers.
Wijzigingsautoriteit
De opdrachtgever is de hoogste wijzigingsautoriteit. Hij kan dit delegeren aan de senior vertegenwoordiger van de gebruiker, die dit op zijn beurt weer verder kan delegeren voor operationele wijzigingen.

Deel 3 — Projectorganogram en overlegstructuren

Het projectorganogram

Een projectorganogram is een schematische weergave van de projectorganisatie. Enkele spelregels:

  • Er is een enkelvoudige relatie tussen opdrachtgever/stuurgroep en projectmanager, en tussen projectmanager en teamleden.
  • Rapportagelijnen en overlegstructuren worden niet in het organogram weergegeven.
  • Benoem specifieke personen, geen bedrijven of groepen — een groep kun je niet aanspreken, een persoon wel.
  • Ondersteunende rollen (zoals projectsupport) worden in de staf getekend — een zijtak van de directe lijn.
  • Specialistenteams worden 'in de lijn' getekend — verticaal onder de projectmanager.
Voorbeelden van projectorganogrammen Eenvoudig organogram Opdrachtgever Projectmanager Team- medewerker Team- medewerker Team- medewerker Uitgebreid organogram met stuurgroep Stuurgroep Klant Leverancier Klank- bordgroep Senior vertegen- woordiger gebruiker Opdrachtgever Senior vertegen- woordiger leverancier Overleg leveranciers Wijzigings- autoriteit Projectmanager Project- borging Project- support Teammanager Teammanager Teammanager Teammanager Team- medewerker Team- medewerker Team- medewerker Team- medewerker Functionele/rapportagelijn (staf) Hiërarchische lijn (lijn)

Voorbeelden van projectorganogrammen — eenvoudig (links) en uitgebreid met stuurgroep (rechts)

Interne en externe opdrachtgever

De positie van de opdrachtgever hangt af van de context. Als een aannemer opdracht krijgt van een klant, is de opdrachtgever niet de eigen leidinggevende maar degene vanuit de klantorganisatie die het mandaat heeft. De eigen leidinggevende is dan de senior vertegenwoordiger van de leverancier.

Hetzelfde geldt bij gemeenten: de wethouder is de bestuurlijke (externe) opdrachtgever, de directeur is de ambtelijke opdrachtgever (senior vertegenwoordiger leverancier). Als projectmanager rapporteer je in de lijn aan je leidinggevende, maar binnen het project aan de wethouder.

Vuistregel: Als er gesproken wordt over 'de opdrachtgever', wordt altijd bedoeld: degene die eindverantwoordelijk is voor het succes van het project namens de klant.
Interne en externe opdrachtgever — twee voorbeelden Klantorganisatie Externe opdrachtgever Senior gebruiker Opdracht- gever Senior leverancier Project- manager Teammanager Teammanager Interne opdrachtgever of Leverancier/ aannemer Voorbeeld 1: Aannemer / klant B&W Bestuurlijke opdrachtgever Senior gebruiker Opdracht- gever Senior leverancier Project- manager Teammanager Teammanager Ambtelijke opdrachtgever Gemeentelijke organisatie Voorbeeld 2: Gemeente (wethouder / directeur) Hiërarchische projectlijn Positie in leveranciersorganisatie

Interne en externe opdrachtgever — de positie bepaalt de rol

Overlegstructuren en het linking-pin-principe

De overlegstructuur omvat het raamwerk van alle overleggen in het project. Besluiten worden genomen op het niveau waar de informatie vandaan komt:

  • Teambesluiten → teamoverleg
  • Projectbesluiten → projectteamoverleg
  • Projectniveau → stuurgroepvergadering
  • Bedrijfs-/programmaniveau → managementteamvergadering

Het linking-pin-principe zorgt dat alle overleggen via één persoon aan elkaar zijn gekoppeld. Die persoon neemt deel aan beide overleggen en draagt informatie en besluiten over in beide richtingen. Zo ontstaat een verticale en horizontale verbinding door de hele projectorganisatie.

Linking pin — overlegstructuur projectorganisatie Bedrijfs-, portfolio of programmamanagement Stuurgroep SG OG SL Gebruikersklankbord Leveranciersoverleg Projectmanager Teamleider Teamleider Teamleider Team- medewerker Team- medewerker Team- medewerker Managementoverleg Stuurgroepoverleg PM-teamoverleg Teamoverleg Linking pin: De overlappende ellips omvat steeds twee niveaus. De persoon die in beide overleggen deelneemt (bijv. de stuurgroep én het projectteamoverleg) is de linking pin. SG = sr. gebr.vertegenw. · OG = opdrachtgever · SL = sr. lev.vertegenw.

Linking pin — overlegstructuur en verbinding tussen niveaus


Deel 4 — De RACI-matrix

Taken en verantwoordelijkheden zichtbaar maken

De RACI-matrix maakt per activiteit of resultaat zichtbaar wie welke rol heeft. RACI staat voor:

LetterRolBetekenis
R — ResponsibleUitvoerend verantwoordelijkeDe persoon die het werk daadwerkelijk uitvoert. Per activiteit slechts één R.
A — AccountableEindverantwoordelijkeDe persoon die eindverantwoordelijk is voor het resultaat. Per activiteit slechts één A. Niet dezelfde als de R.
C — ConsultedGeraadpleegdePersonen die verplicht worden geraadpleegd. Kunnen er meerdere zijn.
I — InformedGeïnformeerdePersonen die op de hoogte worden gehouden. Kunnen er meerdere zijn.
Spelregels:
Per activiteit of resultaat is er slechts één R en één A — en ze kunnen niet dezelfde persoon zijn.
Er kunnen meerdere C's en I's zijn.
De eindverantwoordelijke (A) wordt sowieso geraadpleegd en geïnformeerd — dat zit opgesloten in de eindverantwoordelijkheid.

Voorbeeld RACI-matrix:

RACI Opdracht-
gever
Senior vertegen-
woordiger van
de gebruiker
Senior vertegen-
woordiger van
de leverancier
Project-
manager
Team-
manager
Programma van eisenACCRI
ProjectplanACCRI
TeamplanICCAR
WerkpakketICCAR

Kernpunten — Samenvatting
  • Een projectorganisatie kent maximaal vier lagen: bedrijfsmanagement, sturende laag, managementlaag en opleverende laag.
  • De opdrachtgever benoemt de projectmanager; samen richten zij de verdere organisatie in.
  • Scheiding van techniek en management is essentieel: de projectmanager heeft de regiefunctie, niet de inhoudelijke uitvoering.
  • De stuurgroep is het hoogste besluitvormingsorgaan; de opdrachtgever heeft de eindbeslissing.
  • De vier stuurgroeprollen zijn: opdrachtgever, senior gebruikersvertegenwoordiger, senior leveranciersvertegenwoordiger en projectborging.
  • In een organogram worden ondersteunende rollen in de staf getekend, specialistenteams in de lijn.
  • Het linking-pin-principe koppelt alle overleggen via één persoon, zodat informatie en besluiten in beide richtingen stromen.
  • De RACI-matrix maakt per activiteit zichtbaar wie uitvoert (R), eindverantwoordelijk is (A), geraadpleegd (C) en geïnformeerd (I) wordt.

Kennistoets

Test of je de leerstof beheerst. Je krijgt directe feedback na elk antwoord.

© Proyecto Training · IPMA-D Lesmodule 9 · Projectorganisatie

Volgende     -     Terug